Bewegen met baby’s en peuters is nuttig bevonden.

Dat blijkt uit het literatuuronderzoek wat Amsterdam UMC in opdracht van Kenniscentrum Sport heeft uitgevoerd.

In het literatuuronderzoek ‘Associaties tussen Lichamelijke Activiteit en Groei en Ontwikkeling bij 0-5 jarige Kinderen’ werd gekeken naar de associaties tussen bewegen en groei en de ontwikkeling van 0-5 jarigen. De studie heeft alleen longitudinale onderzoeken gebruikt waar de hoeveelheid beweging meetbaar was. Dit is gedaan met als doel om een uitspraak te kunnen doen over hoeveel beweging bijdraagt aan een gezonde groei en ontwikkeling.

De ontwikkeling van motoriek, cognitie en taal. 

Bewegen heeft een positief effect op de motorische ontwikkeling van jonge kinderen. Hierbij is alleen gekeken naar het effect van de hoeveelheid bewegen. Het positief effect van bewegen op motorische ontwikkeling zal mogelijk sterker zijn wanneer zowel naar de hoeveelheid als de kwaliteit van bewegen wordt gekeken.

Bewegend leren, het combineren van bewegen met een leertaak, bijvoorbeeld bewegen tijdens het leren tellen, heeft een positief effect op de resultaten vergeleken met zittend leren. Bewegen heeft dus ook een positief effect op de cognitieve ontwikkeling van jonge kinderen. Daarbij lijkt er ook een positieve associatie te bestaan tussen bewegen en leereffecten op de langere termijn. Bijvoorbeeld betere schoolprestaties wanneer kinderen meer bewegen.

We weten inmiddels dat de motorische ontwikkeling direct invloed heeft op de taalontwikkeling. Met name dans (de combinatie van beweging, denksport en muziek) is volgens neuropsycholoog Erik Scherder het optimum. Wij pleiten daarom voor meer onderzoeksresultaten op dit gebied zodat hier passende interventies op ingezet kunnen worden, zoals Taaldans en Rekendans.

Aandacht en concentratie

Een deel van de studies onderzochten de directe effecten van bewegen op aandacht en concentratie in de klas. Al deze studies lieten een positief effect zien. Dit betekent dat kinderen langer geconcentreerd zijn wanneer zij bewegen gedurende de dag. Eén studie vergeleek 20 en 30 minuten bewegen voor 3-5 jarigen en concludeerde dat 20 minuten vrij spelen zorgde voor langere aandacht en concentratie in de klas dan 30 minuten vrij spelen.

Vervolgonderzoek

Hoewel er meer onderzoek nodig is, is middels dit onderzoek aangetoond dat bewegen en bewegend leren positieve effecten hebben op de motorische en cognitieve ontwikkeling van kinderen onder de vijf jaar. Meer onderzoek is nodig om aan te kunnen tonen of deze er ook zijn voor de lichaamssamenstelling en sociaal- emotionele ontwikkeling.

Het volledige onderzoeksrapport kun je hier lezen.

Het rapport ‘Plezier in bewegen’ van de Nederlandse Sportraad kun je hier downloaden

Teken de petitie ‘Meer beweging op de basisschool’ hier

Of laat je met jouw team inspireren op de Bewegend Leren Conferentie